Geopark Heuvelrug

Share Button

bijgewerkt 06-07-2017

Ontstaansgeschiedenis
Natuur
Cultuur
Nationaal Park Heuvelrug
Recreatie

Ontstaansgeschiedenis / aardkundige waarden
De Heuvelrug is in de voorlaatste ijstijd, zo’n 150.000 jaar geleden, door een dik pakket landijs opgedrukt. Vóór die tijd stroomden Rijn en Maas verder naar het noorden dan tegenwoordig, ongeveer op de plek waar nu de Gelderse Vallei ligt. Voorafgaand aan de ijsbedekking hadden deze rivieren daar dikke lagen zand en grind afgezet. Toen in het Saalien het ijs tot dit deel van Nederland oprukte werden deze rivierafzettingen opgestuwd in hoge stuwwallen. Op de Heuvelrug zijn verspreid over de stuwwal van noord naar zuid meer dan 30 benoemde “bergen”. Van noord naar zuid als eerste de Eukenberg (14,3 meter) bij Huizen en als laatste de Grebbeberg (50,2 meter) bij Rhenen. De hoogste “berg” is de Amerongse Berg (68,9 meter) bij Amerongen

Aan de rand van het ijs zocht smeltwater zijn weg door zwakke plekken in de stuwwal en er ontstonden ijssmeltwaterdalen. Het sediment dat door deze smeltwaterstromen geërodeerd werd, werd in grote sandrvlakten aan de westrand van de Utrechtse Heuvelrug afgezet. Dit verklaart waarom de helling aan deze kant veel flauwer is dan aan de oostkant. Op deze sandrs zijn ook zwerfkeien te vinden die meegespoeld zijn met het smeltwater uit de ijskap. Een sandr (of spoelzandwaaier) is een waaiervormige afzettingsvorm die voor een ijskap of gletsjerfront gevormd is.

Aan weerszijden van de Heuvelrug komt kwelwater afkomstig uit de hogere delen uit de bodem omhoog, waardoor natte randgebieden zijn ontstaan. De invloed van de Heuvelrug en de bijbehorende waterhuishouding en menselijk ingrijpen, met name afgravingen, reikt aan de oostkant tot aan de rivier de Eem en aan de westzijde tot aan de rivieren de Vecht en de Kromme Rijn. Reden waarom deze unieke randgebieden nadrukkelijk bij het Geopark Heuvelrug betrokken zijn.

Natuur
De Heuvelrug karakteriseert zich door water in het noord-westelijke deel, het reliëf van Gooimeer tot Rijn, de ondergrond bestaande uit zand en grind, heidevelden in het noordelijke deel, zandverstuivingen in het midden en veel uitgestrekte bossen in het midden en zuidelijke deel. De Utrechtse Heuvelrug is een in geologisch en ecologisch opzicht zeer waardevol gebied en combineert drie eigenschappen die in Nederland schaars zijn: water, reliëf en uitgestrekte bossen.

Zoogdieren die in het nationaal park leven zijn onder meer het ree, de vos, de das en de zeldzame boommarter. Het streven is om, door het maken van ecologische verbindingszones, het gebied ook voor grotere zoogdieren, zoals het edelhert en everzwijn geschikt te maken. Aaneengesloten natuurgebieden, zo is de gedachte, herbergen méér planten- en diersoorten dan kleinere, of versnipperde gebieden omdat ze grotere overlevingskansen bieden. Door de aanleg van ecoducten en faunatunnels en door het plaatselijk verwijderen van afrasteringen wordt geprobeerd de doorsnijdingen van het gebied ongedaan te maken.

Cultuur
Oudere en jongere tijdslagen liggen in de Heuvelrug dwarsover elkaar heen: van prehistorische akkers en grafheuvels tot ultramoderne landbouwgebieden en toekomst voorspellende instellingen als het RIVM en het KNMI.Van oudsher is de Heuvelrug een gebied van boeren, burgers en buitenlui. Een gebied vol boerderijen, landgoederen en zelfs tabaksplantages. Maar ook een gebied vol kastelen en buitenplaatsen.Ook de Koningen van Nederland bouwden in dit gebied hun paleizen. Zij bouwden er in de 17e eeuw hun eerste grote buitenhuizen zoals kasteel Amerongen, het jachtpaleis Soestdijk enSlot Zeist. En als de ‘mode’ veranderde, werd het uiterlijk van het huis en de aanleg van de tuinen simpelweg aangepast.En dat typeert de Heuvelrug. De mens zette hier zijn omgeving voortdurend weer naar zijn hand. Verdeeld over de Heuvelrug liggen honderden kastelen, versterkte huizen en historische buitenplaatsen.De Heuvelrug kent de grootste dichtheid aan buitenplaatsen van Nederland, volgens sommigen zelfs meer dan er langs de Loire in Frankrijk te vinden zijn. De meeste van deze prachtige gebouwen met bijbehorende tuinen, bossen en landerijen liggen in gordels dicht bij elkaar. Veel zijn openbaar toegankelijk.Bekend zijn de buitenplaatsen van de Stichtse Lustwarande tussen Utrecht en Rhenen en de vele buitens langs de rivier de Vecht en rondom ’s-Graveland.Ook de Langbroekerwetering kent haar buitenplaatsen en langs de door Jacob van Campen in 1647 ontworpen ‘Wegh der Weegen’ tussen Utrecht en Amersfoort ook de nodige buitenhuizen.Deze ‘landgoederenzone’ ziet er door toevoegingen uit latere jaren weer heel anders uit dan alle andere zones. En die variatie maakt het juist zo uniek.

Nationaal Park Heuvelrug
Het Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug beslaat het zuidoostelijke deel van de Utrechtse Heuvelrug en omvat een veelheid van landschapsvormen, waarvan de stuwwal de meest in het oog springende is. Het is een grotendeels heuvelachtig gebied dat bestaat uit bos, heide, zandverstuivingen en grasland. Het Nationaal Park bestaat sinds 2003. In 2013 werd het aanzienlijk uitgebreid van ca. 6.000 hectare naar ca. 10.000 hectare. Vanaf dat moment is ook het gebied tussen A12 en A28 deel van het Nationaal Park. De Leusderheide, de bossen van Zeist en Austerlitz, de landgoederen Bornia, Noordhout en Den Treek-Henschoten kwamen binnen het Nationaal Park te liggen.

De instelling van het Nationaal Park Utrechtse Heuvelrug was bedoeld om het gebied te beschermen tegen de vaak sluipende bedreigingen van verstedelijking en versnippering. Het nationaal park heeft geen planologische status en kan dus niets afdwingen. Maar door het versterken van het “collectieve bewustzijn van het belang van een aaneengesloten natuurgebied en door samenwerking van alle betrokkenen” kan gewaakt worden voor verdere teloorgang.

Inmiddels wordt tevens gewerkt aan de realisatie van het Nationaal Park Heuvelrug, strekkend van het Gooimeer tot aan de Rijn, inclusief de natte randgebieden. Het beoogde Geopark richt zich op hetzelfde gebied, omdat juist dat hele gebied, met de onderlinge samenhangende deelgebieden, zowel qua ontstaansgeschiedenis als qua huidige situatie, een compleet en internationaal bijzondere eenheid vormt. De totale omvang van het beoogde Geopark is ca 100.000 ha.    

Recreatie
Binnen het beoogde Nationaal Park Heuvelrug is veel ruimte voor rustige vormen van recreatie. Er is een goed netwerk van wandel-, fiets- en paardenroutes. Die routes zijn geconcentreerd aan de zuidkant van het Nationale Park. Daar liggen de meeste dorpen. Centraal op de Heuvelrug zijn minder routes en recreatieve voorzieningen. Deze zonering betekent dat het middengebied een rustgebied voor dieren blijft. Er kan gewandeld worden in een stille omgeving. Jaarlijks bezoeken meer dan een miljoen mensen het Nationaal Park Heuvelrug.

Share Button