Crailo

bijgewerkt 05-05-2020
bron: © RAAP/Overland

Vanaf de middeleeuwen raakten de ooit bewoonde hoogten van de stuwwal van het Gooi steeds meer onbewoond. Dat veranderde in de zeventiende eeuw. Toen bleken deze relatief rijke zandgronden geschikt buitens met tuinen aan te leggen. Zo ontstond landgoed Crailo. De naam Crailo komt van "Craailoo", wat Kraaienbos betekent.

Waar ...
toegevoegd door Geopark

Al in de prehistorie waren de Gooise stuwwallen aantrekkelijk om landbouw te bedrijven en te wonen. Het gebied was hoog en droog en daardoor beter begaanbaar en bewoonbaar dan de moerassige laagten rond het Gooi. De stuwwal bestaat uit rivierafzettingen, door ijs opgestuwd. Op de lemige delen met rijkere bodems konden akkers worden aangelegd. Waar de leem dichter was, bleef water staan, onmisbaar voor mens en vee.
Ter hoogte van Crailo en Oud-Bussum lagen nederzettingen. Van het middeleeuwse Oud-Bussum kennen we het bestaan nog uit oude archiefstukken.

Verlaten nederzettingen worden landgoederen
Net als elders op het Gooi wilde men vanaf de middeleeuwen liever in lagere gebieden wonen. Hier was meer water voorhanden en op de natte weiden kon men rundvee laten grazen.

Oud-Bussum raakte verlaten. Ter plekke van de huidige dorpskern van Bussum kwam een nieuw dorp tot ontwikkeling. Slechts één boerderij en enkele landbouwpercelen van het oude Bussum bleven bestaan.
Van het middeleeuwse Crailo weten we minder, maar hier stond in de zeventiende eeuw in elk geval nog één huis, omgeven door uitgestrekte heidevelden. In 1628 liet de Amsterdammer Van Rensselaer zijn oog op het gebied vallen. Het was de tijd van de Gouden Eeuw. In Holland overtrof de rijkdom van kooplieden en regenten die van de oude adel. De nieuwe rijken zagen grond als investeringsobject. Een eigen landgoed met een fraai buitenhuis leverde bovendien status op.

Oude bossen met rechte lanen
Het moet niet gemakkelijk zijn geweest om de investering lonend te maken. Zandwinning, zoals dat op de landgoederen in ’s-Graveland gebeurde, was hier niet mogelijk. Er liepen geen vaarten tot Crailo waarover het zand kon worden afgevoerd. Voor zandgronden was de bodem relatief rijk, maar toch was landbouw bedrijven lastig op de droge grond. Rundvee houden was moeilijk vanwege de grote afstand tot vochtige en rijkere graslanden. De zandgronden leenden zich wél goed voor bos. Dit bos droeg bij aan de verfraaiing van het landgoed. Geheel naar smaak van die tijd waren het bos, de landerijen en de lanen rechtlijnig en rechthoekig ingedeeld.

Engelse landschapsstijl
In de negentiende eeuw lagen er twee pachtboerderijen op het landgoed, maar de bijbehorende landbouwpercelen moesten plaats maken voor nog meer bos. Het landgoed werd ingericht naar de mode van de Engelse Landschapsstijl. Slingerende paden door bos of over gazons met boomgroepen zorgden voor steeds weer een andere aanblik. Toen werd ook het uitzichtspunt de Trapjesberg of Trappenberg opgeworpen, dat verre uitzichten over de omgeving mogelijk maakte. Eind negentiende eeuw werd ook het oude huis vervangen door het huidige. Crailo was niet de enige plek waar zich deze ontwikkeling voordeed. Ten noorden van Crailo ontstonden zo de landgoederen Oud-Bussum en Bikbergen. In het begin van de twintigste eeuw kwam op landgoed Crailo een sanatorium tot stand voor kinderen met tuberculose. De gezonde lucht van de reeds aanwezige naaldbossen zou mee werken aan genezing. Na sluiting van het sanatorium kregen de gebouwen de functie van kinderziekenhuis, revalidatieoord en Mytylschool.

De naam Crailo verhuist
De naam Crailo staat niet meer voor alleen het oude landgoed. Al in de zeventiende eeuw namen leden van de familie Van Rensselaer deze naam mee naar de Hollandse kolonie Nieuw Amsterdam. In de tegenwoordige staat New York, in de plaats Rensselaer, staat dicht bij de Hudson staat nog altijd Fort Crailo.

Ten zuiden van het landgoed (nu aan de zuidzijde van de snelweg) werd in de negentiende eeuw een militaire legerplaats ingericht, die ook Crailo werd genoemd. Ten noorden van Hilversum werd tot slot de naam Crailo aan de grote spoorwegzanderij gegeven die hier vanaf het einde van de negentiende eeuw ontstond.

 

Opgesomd: wat herkennen we nog?

  • Landgoederen op de stuwwal als voortzetting van vroegere bewoning op de relatief rijke bodem. Het bos gedijt goed op de vrij rijke zandgrond.
  • Bos en landgoedontwikkeling, met zowel rechte lanen als slingerpaden.
  • Het uitzichtspunt de Trappenberg.
  • Voormalige sanatoriumgebouwen.

Beheerder: Goois Natuurreservaat https://gnr.nl/de-natuur-in/gebieden/crailo/