Geo hotspots-Lek en Kromme Rijngebied

bijgewerkt 26-03-2019

Geopad 180a-Oud Wulven-Brinkroute in Houten
Geopad 180b-De Schonauwen-Loerikroute in Houten
De plaats Houten ontstond middenin een vrij breed deel van een gordel enkele duizenden jaren oude zandige rivierafzettingen die geschikt bleken voor de akkerbouw en fruitteelt. Begin vorige eeuw was Houten nog weinig meer dan een door grote akkercomplexen omgeven dorpje.

Het zuidwestelijk deel van de Kleine Betuwe behoort tot de streken waar enkele duizenden jaren terug door de grote rivieren gevormde afzettingen ook thans nog aan de oppervlakte liggen. Dergelijke streken komen slechts weinig voor. Doordat het bodemmateriaal dat de grote rivieren aanvoerden de laatste duizenden jaren voor een belangrijk deel steeds in dezelfde gebieden bezonk, werden de sedimenten die ze achter lieten namelijk vaak al spoedig weer door ander materiaal overdekt.

De vrij oude rivierafzettingen vormen een noordwestwaarts lopende gordel die bij Houten breder is dan elders. De sedimenten van de gordel bestaan uit overwegend grofzandig materiaal. Dat is over het geheel genomen kleiarmer en grindrijker dan het bodemmateriaal van de nadien nog in het rivierengebied gevormde afzettingen.

De sedimenten van de gordel vrij oude rivierafzettingen werden neergelegd in en langs stroombeddingen die reeds in de Romeinse Tijd droog lagen. Daarbij valt op dat de stroombeddingen plaatselijk een min of meer vlechtend systeem vormden dat een brede zone innam. Die afwijkende geo(morfo)logische gesteldheid zou verband kunnen houden met de omstandigheid dat de rivier geregeld veel grof materiaal van de nabije Utrechtse Heuvelrug te verwerken kreeg.

In de omgeving van Houten liggen de oudere rivierafzettingen van de Kleine Betuwe ongeveer twee meter boven NAP en hun omgeving. zie verder ...

 

De Wielen bij 't Waal
Het dichten van de dijkdoorbraak bij ’t Waal in 1664. Rechts voor het huis inspecteert een lid van het Waterschap Lekdijk Bovendams de werkzaamheden.
Schilderij door Jan Boit, vermoedelijk naar een ets van Van de Velde.

Door de aanleg van de Lekdijk in de 12de en 13de eeuw werd het winterbed versmald en ontstonden hogere waterstanden. Tientallen overstromingen en dijkdoorbraken tot ver in de 18de eeuw waren het gevolg. Dit zien we nog aan enkele doorbraakkolken direct achter de dijk, de zogeheten wielen.

’t Waal, een gehucht uit de 13de eeuw kende vele dijkdoorbraken. Al in 1173 was hier sprake van een overstroming. We zien hier twee wielen. De een is het gevolg van een dijkdoorbraak op 20 februari 1496, de andere was het resultaat van een zware overstroning op 11 januarin 1624, waarbij het water tot Leiden, Rotterdam en zelfs Amsterdam kwam.