Ankeveen: Veenlandschap met zandopduikingen

bijgewerkt 05-05-2020
bron: © RAAP/Overland

Ankeveen is een kenmerkend dorp in het landschap van het veenweidegebied. Maar plots zien we daar een boerderij en een kerk op een hoogte staan. Zijn die natuurlijk, of heeft de mens ze opgeworpen? En waarom liggen er overal sloten langs de weg, behalve nabij de protestantse kerk?

 

Waar ...
toegevoegd door Geopark

Verdronken landschappen
Om het huidige landschap van Ankeveen te begrijpen, moeten we terug in de tijd. Aan het einde van de laatste ijstijd heerste hier een zeer koud en droog klimaat. Op grote schaal kwamen zandverstuivingen voor. Het zand werd immers niet door begroeiing vastgehouden. Aan de flanken van de heuvels van het Gooi zette de wind langgerekte, globaal noord-zuidgerichte duinen af.
Die ondergrond werd de basis voor het veenmoeras dat zich in warmere perioden die volgden daarover kon uitbreiden. Geleidelijk ‘verdronk’ het landschap, tot de meeste duinen onder een veenpakket verborgen waren.

Ontginnen van het veen
In de volle en late middeleeuwen werden op grote schaal veengebieden in West-Nederland ontwaterd, verkaveld en als agrarisch land in gebruik genomen. Die ingebruikname gebeurde vaak vanaf een rechte lijn in het landschap, die we ‘ontginningsas’ noemen. Daarbij moeten we denken aan een weg, met daarlangs een watergang (wetering).
Veelal was het een wat beter begaanbaar stuk land. Daarop werden haaks sloten ter ontwatering gegraven. Zo’n ontginningsas was hier de weg Stichts End/Hollands End, die deels op een zandrug ligt. Waar nodig werden aan de zij- en achterkant van een ontgonnen stuk moeras zij- en achterkaden aangelegd, als het waterbeheer van de nieuwe ontginning daarom vroeg. De Stichtse of Dammerkade is zo’n zijkade, de Oude Gooch een achterkade.

Verschijnend zand
Veen dat in contact komt met zuurstof ‘vervliegt’. Het maaiveld daalt daardoor en zandruggen die vroeger onder het veen verborgen gingen, komen dan tevoorschijn. Dat zien we heel duidelijk in Ankeveen terug. In of vóór de 16e eeuw werd op een zandrug waarover de ontginningsas lag, een kerk gebouwd. Deze ligt nog altijd iets hoger in het landschap dan de omgeving. Hetzelfde geldt voor de boerderij Ingelenburg. Ook de begraafplaatsen zijn bewust op deze drogere hoogte gelegd. Aan het grondgebruik herkennen we dus nog de aard van de ondergrond.

Markante plekken
a. Molen en oude kapel bij Ankeveen (Hollands end)
b. Zandopduiking met oude NH Kerk
c. Veenlandschap langs voetpad naar NM (‘s Graveland)

Turfwinning
Vanaf 1775 werd het veen in grote delen van het gebied weggegraven om in gedroogde toestand als brandstof te dienen: turf (zie basistekst ‘brandstof’). Er werd zelfs gegraven op plekken waar het veen te dun was, wat eigenlijk niet mocht. Uiteindelijk ontstond er een karakteristiek patroon van legakkers en petgaten. Afkalving door golfslag bleef beperkt. Dat kwam doordat het water hier relatief ondiep is. Het contrast in het landschap tussen uitgeveende delen en delen waar het zand boven het veen uitstak werd hierdoor nog duidelijker. In de dorpskern zien we aan verschillende fenomenen dat we hier met zand te maken hebben. Naast de hogere ligging is dat het ontbreken van bermsloten langs de hoofdweg en het om de hoogte afbuigen van een slotenpatroon.

Schade door ontwatering
De interactie tussen de mens en het landschap komt duidelijk naar voren uit de schade aan de kerk. Door ontwatering en zakken van het omliggende veen raakte de zestiende-eeuwse kerk van Ankeveen beschadigd. In 1830 moesten daardoor de kerktoren en het koor van de kerk worden gesloopt. De droogmaking van de Horstermeer zorgde er een halve eeuw later voor dat ook het schip gesloopt moest worden. Het huidige kerkgebouw dateert uit 1907.

Opgesomd: wat herkennen we nog?