Zuiderheide

bijgewerkt 05-05-2020
bron: © RAAP/Overland

Ten zuiden van Laren en ten oosten van Hilversum ligt de Zuiderheide. Wie hier vanaf Laren naar het zuiden wandelt, gaat langzaam naar beneden een breed droog dal in. Bij Laren loop je nog over de stuwwal die in de voorlaatste ijstijd is ontstaan toen de landijskap hier veel oudere rivierafzettingen opstuwde. In de laagte meer zuidelijk liggen veel armere zanden, zogenaamde dekzanden, die in de laatste ijstijd tijdens poolstormen zijn afgezet en regelmatig opnieuw zijn verstoven. De verschillen in bodemgesteldheid waren al in de prehistorie bepalend voor het menselijk gebruik en voor het landschap dat toen ontstond. Nog steeds is dat prehistorische landschap herkenbaar.

met grafheuvels

Waar ...
toegevoegd door Geopark

1. Oude landschapsgradiënt
Onder invloed van de mens verdween al in de prehistorie het oerbos op de arme zanden in het zuiden. Hier ontstond een landschap met heide en stuifzand. Meer noordelijk op de wat rijkere zanden van de stuwwal bleef het bos veel langer staan. Na bosbranden groeide het bos op deze gronden weer vrij snel terug. Vanaf ongeveer 3000 voor Christus werden deze gronden in gebruik genomen. Ze waren geschikt om akkers aan te leggen, vee te weiden en boerderijen op te bouwen. Er bleven veel bosrestanten staan, maar als de woonplaatsen en akkers werden verlaten groeide het bos ook snel weer terug. Er bestond dus een landschapsovergang tussen bosrijk gebied met akkers en bewoning in het noorden en een gebied met heide en stuifzand in het zuiden. Nog steeds biedt het landschap deze aanblik.

2. Grafheuvels op de overgang
Vanaf ongeveer 3000 voor Christus ging de mens monumenten aanleggen voor de overledenen. Over de stoffelijke resten werd een heuveltje opgeworpen, een grafheuvel. Op het Gooi liggen tientallen van deze grafheuvels. Vaak koos men goed zichtbare plekken voor deze monumenten, liefst een vrij hooggelegen plek in een open gebied. Zo was de grafheuvel al van verre zichtbaar. De grafheuvels die nu bekend staan als de ‘Zeven Bergjes’ lagen op zo’n plek: op de overgang van hoger gelegen rijke zandgronden (met bosrestanten en mogelijk ook bewoning) naar de lager gelegen arme zanden (met heide en stuifzand). Vanuit de laagte kon je deze hoger gelegen grafmonumenten dus goed zien.

3. Leem en grindkuilen
De stuwwal in het noorden is ooit ontstaan doordat het ijs rivierafzettingen van zand, leem en grind opstuwde. Dat bood later mogelijkheden voor grondstofwinning. Op de heide en in het bos vinden we kuilen waar deze grondstoffen gewonnen zijn. In het landschap is te zien dat de kuilen in bepaalde patronen liggen. Ze komen overeen met de leem- en grindlagen. Ooit waren die horizontaal door rivieren afgezet, maar bij het ontstaan van de stuwwal kregen ze door de kracht van het ijs een verticale ligging met ongeveer dezelfde richting als het vroegere ijsfront. Ze volgen ongeveer de ‘strekkingsrichting’ van de stuwwal. Op luchtfoto’s en hoogtebeelden is dit nog duidelijker te zien. Het grind en de leem werden al vroeg door boeren gewonnen voor bijvoorbeeld erfverharding of het maken van dorsvloeren.

 

Opgesomd: wat herkennen we nog?

  • Het huidige landschap illustreert nog een oude landschapsgradiënt met bos in het noorden op rijkere zanden en heide en stuifzand in het zuiden op armere zanden.
  • Grafheuvels in overgangszone tussen rijkere en armere zanden.
  • Grind- en leemkuilen die strekkingsrichting van stuwwal aangeven.

Beheerder: Goois Natuurreservaat https://gnr.nl/de-natuur-in/gebieden/zuiderheide/